Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



woensdag 11 april 2012

Erik Jan Harmens over De man die in zijn eentje de Olympische Spelen organiseerde, VPRO-boeken, 8 april 2012


Liever een idee dan een organisatie.

Wim Brands toont een filmpje over de voorbereiding van de veertiende Olympische Spelen,vlak na de tweede wereldoorlog in het Wembley stadion in Londen. We stappen in de wereld van het management. Erik Jan Harmens kwam op het idee voor zijn roman naar aanleiding van een video over de Olympische Spelen in Tokio 1964.

Harmens ontdekte in de tijd dat hij voor theatergroep Hollandia werkte dat hij niet zo geschikt was als manager, want die dient oog te hebben voor hoofd- en bijzaken. Zo vergat hij tijdens een uitvoering op locatie in Maastricht eens de diesel voor het maken van vuur.
Inmiddels werkt hij als tekstschrijver, een taak die hem heel wat beter afgaat.

Een goede manager zorgt dat het personeel met plezier naar het werk gaat, spreekt werknemers aan als individu, geeft hen het idee dat ze carrière kunnen maken. Hij heeft een goed oog van wat er speelt, kan delegeren, houdt de eindverantwoordelijkheid maar ligt er niet van wakker.

Brands noemt de bejubelde Steve Jobs als voorbeeld, maar volgens Harmens was hij geen goede manager omdat hij zich teveel focuste op details.
Ron van Dijk, de hoofdpersoon in zijn roman, beschouwt zichzelf als een geboren organisator, klaar voor zijn meesterproef, de organisatie van de Olypmpische Spelen, maar hij verliest de hoofdzaak uit het oog. Na anderhalf jaar is er nog geen paal de grond ingeslagen. Daarom concentreert hij zich op één ding, de catering. Het gaat om het momentum. Als de broodjes goed zijn, komt al het andere ook wel in orde.

Brands noemt die instelling symptomatisch voor wat er in onze maatschappij gebeurt. Harmsen bevestigt dat veel zaken te groot zijn om aan te pakken, zelfs de broodjes vormen al een probleem, want je hebt halal, kosjere en zelfs semi kosjere broodjes. Zoek het maar uit.
Hij ontdekte dat hoe hoger men klimt in een organisatie, hoe incapabeler men is. Dat komt omdat men volgens het groei-principe doorstijgt tot het moment dat men boven zijn of haar capaciteit zit. 

'Wat doe je eraan?' wil Brands weten.
Men kan overstappen naar een ander bedrijf, maar ook het proces doorbreken door uit de organisatie te stappen en voor zichzelf te beginnen, zegt Harmsen. Vanuit een idee werken in plaats van vanuit een organisatie.
Met een idee over een vorm van telecommunicatie kun je naar een grote organisatie stappen maar het ook  op een laptop ontwikkelen en contact zoeken met toeleveringsbedrijven. Harmsen pleit daarmee voor een lossere, kleine organisatie.

Ron van Dijk is misschien zo iemand, maar hij is geen goede manager. Hij staat symbool, zegt Harmsen, voor een man die zich vastbijt in zijn ambitie en daarin doordendert.
Brands concludeert daaruit dat je nooit moet denken dat je een organisator bent. Harmsen zegt dat het ook ertoe kan leiden om te bedenken wat men wel kan. Mensen zijn vaak bang dat ze helemaal niets kunnen.

Brands hoopt dat het boek een revolutie teweegbrengt.  


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen