Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



vrijdag 17 oktober 2014

Adèle Bloemendaal- Eens wil ik ervan af zijn (2014), documentaire van Maarten Mourik



Een nieuwe Henk van der Meyden gluurt door het sleutelgat

Maarten Mourik verdiepte zich in het verleden van Adèle Bloemendaal (1933) vanwege zijn regie van een theaterprogramma in januari 2013 naar aanleiding van haar tachtigste verjaardag. Hij kwam daardoor zo in de ban van deze flamboyante zangeres, actrice en cabaretière dat hij haar wilde interviewen, niet een keer maar zelfs vier keer. De qua gezondheid broze Adèle hield het lang af, maar de ooit rijke vrouw die tegenwoordig moet rondkomen met de AOW-uitkering werd tenslotte verleid door cadeaubonnen voor haar kleinkinderen.

De gesprekken in haar appartement aan de Amsterdamse Snoekjesgracht zijn erg rommelig, zo ze de deur al opendoet. Het begint er de eerste keer al mee dat Adèle discussieert over de juiste belichting. ‘Waarom zou je een mens lelijk maken,’ brengt ze uit terwijl ze nog eens haar blonde haren fatsoeneert. Haar siamezen onderbreken af en toe het gesprek voor aandacht. Ook gaat de telefoon. Het is iemand van de Volkskrant die naast het interview met haar een aparte afspraak wil maken voor de fotograaf. ‘Geen denken aan,’ zegt Adèle. ‘Eens wil ik ervan af zijn.’  

De inhoud is weinig boeiend. Onderwerpen zoals over haar eerste huwelijk op twintig jarige leeftijd met een tien jaar oudere man met wie ze naar de Verenigde Staten ging en over haar latere relatie met de overspelige Donald Jones kan men wel op het internet vinden.
Vragen over haar verschillende beroertes zijn nogal impertinent, laat staan die over haar einde. Adèle laat zich inpakken door cadeautjes en lekkernijen die Mourik meebrengt. Ze zegt dat ze soms moeite heeft bepaalde woorden te vinden, maar dat het haar niets kan schelen dat dit gezien wordt.

Een goede moeder voor John, die in 1963 geboren werd uit haar relatie met Jones, was ze niet, erkent ze. Het werd pas leuker toen de jongen een jaar of acht was. De huiselijkheid was vanwege haar drukke agenda echter ver te zoeken en het was beschamend dat haar zoon haar dronken zag, geeft ze toe. Haar katten houdt ze eronder met de plantenspuit, al kan die niet elke irritatie over hun vraag naar aandacht onderdrukken.

Ze leed aan podiumvrees nadat ze eens belazerd was door een producent die haar niet betaalde voor een soloprogramma. Een psychiater vertelde haar dat vrees altijd met woede te maken heeft. Ze realiseerde zich dat ze helemaal niet meer op de planken wilde staan.

Mooi maar ook weer schrijnend was een verhaal van Adèle over haar tachtigste verjaardag die ze doorbracht in het Amstel Hotel. Ze was daar al eerder voor opnames en kreeg toen toestemming om de nacht door te brengen in een suite met een mooi uitzicht, maar op haar tachtigste verjaardag kreeg ze een andere kamer toegewezen, die haar in de nacht tegenstond, waarop ze een vriend belde om haar op te komen halen omdat ze toch liever thuis sliep. ‘Waarom vertel ik dit eigenlijk?’ vraagt ze zich na dit verhaal af.

Een liefdevol portret wordt de documentaire genoemd, maar die aanduiding moet ongetwijfeld het gebrek aan liefde verhullen, want anders had Mourik afgezien van zijn project. Liever had men een paar liedjes kunnen uitzenden van ’t Schaep met de vijf pooten. We zijn toch op de wereld om mekaar te helpen, nietwaar? 

De vier moeizame gesprekken worden afgewisseld door oude fragmenten, zoals liedjes of een optreden met Rijk de Gooyer. Aan het eind lezen we dat Adèle een half jaar na de opnames naar een bejaardenhuis ging en vervolgens vanwege een nieuwe beroerte naar een revalidatiecentrum. Het laatste nieuws is dat ze uit het revalidatiecentrum ontslagen is en weer terug is in het bejaardencentrum.

Hier ’t Schaep met het heerlijke Het zal je kind maar wezen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen