Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 20 augustus 2017

Recensie: De glazen stolp (1997), Sylvia Plath


Bevlogen jonge vrouw zit gevangen onder stolp

De Amerikaanse dichter en schrijfster Sylvia Plath (1932 – 1963) maakte furore met haar huwelijk met de Engelse dichter Ted Hughes, dat een stormachtige ontwikkeling kende en niet goed afliep. In 1963 pleegde Plath, die leed aan een bipolaire stoornis, zelfmoord en liet Hughes achter in Engeland met de zorg van hun twee kinderen. Over de relatie zijn boeken volgeschreven, onder andere door Connie Palmen in Jij zegt het (2015). Laatst nog refereerde Max Porter zijdelings aan het stel in zijn boek over rouw, Verdriet is een ding met veren (2016).

De roman die vlak voor haar dood gepubliceerd werd heette The bell jar, in het Nederlands vertaald als De glazen stolp. Daarin beschrijft Plath de wijze waarop haar alter ego Esther Greenwood in haar jeugd van het rechte spoor afraakte. In het eerste deel is er nog weinig aan de hand. Ze zit op een College in Boston en neemt deel aan een gastredactieprogramma voor een twaalftal getalenteerde leerlingen, dat georganiseerd wordt door het damesblad Ladies Day hartje zomer in New York. In het hotel waar de meisjes verblijven en van waaruit het ene na het andere uitstapje georganiseerd wordt, mogen geen mannen komen, maar dat neemt niet weg dat hun contact wel gezocht wordt door  Esther en de eigenzinnige Doreen. Ze gaan een avondje uit met een beroemde radiopresentator en zijn vriend. Helaas verloopt het samenzijn niet zoals de bedoeling was waarop Esther besluit zich te conformeren aan de meerderheid. De sfeer in het eerste deel is meisjesboekenachtig, maar dat verandert als de vaderloze Esther na de zomer in New York in een gat blijkt te vallen.

Tegenspeler in de roman is Buddy Willard, zoon van een kerkelijke dame die al eerder graag wilde dat hij met Esther trouwt. Buddy zit op het voornamere Harvard en wil dokter wil worden. Esther is vereerd dat hij haar op bezoek vraagt, maar te beschaamd over haar gebrek aan seksuele ervaring om een relatie aan te gaan. Tijdens een skivakantie breekt ze door toedoen van Buddy op twee plaatsen haar been en later loopt Buddy tbc op en komt in een kliniek terecht.

Het feit dat Esther na het gastprogramma wordt afgewezen voor een schrijfopleiding haalt haar uit haar evenwicht. Ze blijft thuis, vereenzaamd en valt niet meer in slaap, waardoor haar mentale gezondheid hard achteruit gaat. Ze wil zelf gaan schrijven maar beseft dat ze daarvoor de levenservaring mist. Haar moeder stuurt haar naar de dokter die haar verwijst naar een psychiater en vandaar ontkomt ze niet meer aan een inrichting waar men brute elektroshocks op de patiënten toepast. Gelukkig wordt Esther door een gerenommeerd schrijfster gered en naar een kliniek gestuurd waar men een humane behandeling voorstaat. Op het eind ontmoet Esther de vroegere vriendin van Buddy, die wel in staat is om de zelfmoord te plegen die Esther eerder op verschillende manieren van plan was. Zij moet maar afwachten of de medische staf haar laat gaan. Zelf heeft ze daar weinig vertrouwen in. Ze vreest dat ze na ontslag weer in de glazen stolp komt waarin ze zich eerder gevangen voelde. ‘Hoe wist ik dat niet op een dag – op College, in Europa, ergens, waar dan ook – de stolp, met zijn verstikkende vertekeningen, weer over me zou neerdalen?’ De roman eindigt open, net voor aanvang van het gesprek met de doctoren over een mogelijk ontslag.   

De glazen stolp is het hilarische maar vooral droevige relaas over een bevlogen jonge vrouw die niet uit de glazen stolp kan komen waarin ze gevangen gehouden wordt. Nog tragischer dan het levenslot van Esther Greenwood is dat van Sylvia Plath zelf.  

Hier mijn bespreking van Verdriet is een ding met veren, hier mijn verslag van het gesprek van Wim Brands met Connie Palmen over Jij zegt het.

No man is an island (2015), documentaire van Tim de Keersmaecker


Vluchtelingen krijgen snel te maken met isolement

De Belgische documentairemaker Tim de Keersmaecker gebruikt een regel van de Engelse dichter John Donne uit 1624 voor de titel van zijn documentaire die dan ook over twee vluchtelingen gaat die zich niet zo erg thuis voelen op het Italiaanse eiland Lampedusa. Zoals Donne al zegt kunnen mensen niet verder groeien als ze niet verbonden zijn met anderen. De Keersmaecker maakt dit duidelijk in de portretten van de zestienjarige Adam uit Ghana en de eenentwintigjarige Omar uit Tunesië. De beide moslims hebben moeite om zich staande te houden in de christelijke Italiaanse cultuur, die in beeld wordt gebracht met een devote Maria processie.

De Keersmaecker begint met een beeld van een zeeschildpad die aan land komt om eieren te leggen. Deze komen na enige tijd uit, waarna de kleintjes het ruime sop kiezen, iets wat voor vluchtelingen door alle beperkingen niet mogelijk is, zoals gister weer te zien was in beelden van jonge Afrikanen die graag naar Groot Brittannië willen maar in Brussel vastlopen.

Adam werd na zijn boottocht opgevangen door hoteleigenaar Claudio, die in Panama geboren werd, in Colombia opgroeide en lange tijd in Napels woonde voordat hij naar Lampedusa kwam, eerst om een fitnesscentrum te beginnen. Hij hoorde dat Adam werk zocht en hij stelde hem aan in zijn hotel om de tuin te sproeien, in de keuken te helpen en andere voorkomende klusjes te doen. Mooie voorbeelden daarvan zijn dat Adam een teer boompje water geeft en dat hij het dak wit schildert tot hij nauwelijks plaats voor zijn voeten overhoudt. Hij geniet er erg van om met het thuisfront te bellen. Hij krijgt voor het schoolseizoen begint bijles van een oudere mevrouw en voetbalt met plaatselijke jongeren (zie foto) naast het terrein waar de kapotte boten liggen. Het is treurig om Adam in zijn voetbalkleren aan de kant te zien zitten omdat het partijtje die avond niet doorgaat. Later vertelt hij een van spelers niet met illegalen wilde spelen. Claudio is dan wel begaan met de vluchtelingen, maar anderzijds gedraagt hij niet veel anders dan een meester die van zijn ondergeschikten verwacht dat zij hun werk doen, terwijl hij zelf een siësta houdt. Soms wordt het Adam te veel, zoals blijkt uit chaotische beelden van Adam in een botsautootje die gemengd worden met beelden van een welkomstbord in de straat en een vuurtoren die voorspelbare lichtstralen uitzendt. Hij zou willen reizen en andere mensen leren kennen maar voelt vooralsnog gemis.

Omar werd opgevangen door een arts, dokter Bartolo, die hem onderdak gaf en hem zo goed mogelijk probeert te begeleiden. Omar spreekt een nieuwe groep vluchtelingen die net van de boot komen en met een bus naar een opvangcentrum vervoerd zijn, in het Arabisch toe. Omar vertelt hen dat ze zo dadelijk te eten zullen krijgen en een humane behandeling te wachten staat. Bartolo heeft veel aandacht voor zwangere vrouwen en kinderen onder de vluchtelingen. Hij zegt dat er meer Roemenen dan Afrikanen op het eiland zijn want de laatsten reizen meestal door. Omar wilde het liefst naar Rome en begreep pas later dat hij zich op een eiland bevond. Omdat hij last heeft van buikkrampen, stelt psychiater Nonna hem voor de actief wordt en een baantje als steward bij Ryanair probeert te krijgen, maar daarvoor moet hij eerst Engels spreken. Tijdens het gezamenlijk paaslunch vertelt Omar daarover aan zijn tafelgenoten, maar erg veel vertrouwen lijkt hij niet in zijn mogelijkheden te hebben. Hij wil nog steeds naar Rome omdat daar de vrienden zijn met wie hij samen vluchtte. Later hoort Bartolo dat hij met een bijna vijfenzestigjarige Brit vertrokken is. Hij keurt het niet goed, maar begrijpt dat de jongeman zich op het eiland benauwd voelde. Omar zegt daarover dat de oude man meer wilde dan alleen verzorgd worden en dat hij daarom naar Stockholm vluchtte waar zijn broer woont. Die wilde hem echter niet helpen. Hij denkt dat hij naar Rome wordt teruggestuurd omdat hij aan een infectie lijdt. Hij meest van alles wil hij een hechte liefdesrelatie.

Hier de trailer.

Filmrecensie: Le procès (1962), Orson Welles


Fascinerende film over fataal menselijk lot

Le procès is de Franse vertaling van Der Prozess dat Kafka in 1925 schreef. Orson Welles, eerder bekend van het radiohoorspel over de Marsmannetjes die de aarde aanvielen, regisseerde in 1941 Citizen Kane, zijn eerste lange speelfilm en beschouwd als de beste film aller tijden, maar Le procès mag er ook zijn. Het verhaal over kantoorklerk Joseph K., fraai gespeeld door Anthony Perkins, die schuldig wordt verklaard aan iets waarvan hij niet weet wat het is, heeft een sterke existentiële dimensie en wordt fraai ingekleed met allerlei vrouwen die K. willen helpen, al doen ze dat niet vanuit edele motieven.

De eerste vrouw die K. bijstaat is een huurster in het pension waar K. een kamer heeft betrokken. Deze mejuffrouw Bürstner (Jeanne Moreau) werkt als theatermeisje en komt altijd in de vroege ochtend thuis. Ze hoort over hetgeen K. vertelt over een aanklacht die tegen hem is ingediend door een drietal medewerkers van zijn kantoor en overgebracht door twee politiemensen met hoeden op. Bürstner vraagt hem of hij het niet gedroomd heeft en nodigt hem uit in haar kamer. Daar volgt een gesprek over schuldig zijn en zich schuldig voelen. ‘Helaas is er niemand rein,’ voegt zij hem toe, waarmee ze verwijst naar de oerschuld die de mens bij zijn geboorte op zich genomen heeft. Zelf dient ze algauw het pension te verlaten. Hoewel de beheerster Grubach nooit erg ingenomen was met haar verblijf in haar keurige pension, meent K. dat hij ook deel heeft aan haar vertrek, mooi uitgebeeld door een vriendin die een zware koffer meezeult tussen de flats.

Wat eerst nog een grap leek, blijkt steeds meer ernst. Als K. in het theater zit, krijgt hij een briefje aangereikt dat er iemand op hem wacht. Hij krijgt een plattegrond mee van de rechtszaal die bomvol zit met mensen. K. houdt zich groot en doet zijn beklag maar veel helpt het niet. Ook al kan hij gewoon zijn werk doen te midden een hal vol collega’s, de doem blijft boven zijn hoofd hangen. Oom Max komt poolshoogte nemen en gaat met hem naar een advocaat die goed staat aangeschreven. Helaas ligt deze Hastler (gespeeld door Orson Welles zelf) ziek in bed, maar diens assistente Lénie (Romy Schneider) neemt hem mee naar een zijkamertje vol paperassen waar ze hem verleidt en hem aanraadt om minder star te zijn. Op zijn weg naar de uitgang ziet K. een andere cliënt die in een kamertje zit te wachten. Later ziet hij dat die man, Bloch, aan het lijntje wordt gehouden, iets waar hij zelf voor past.

Een advocaat zal hem niet verder brengen, zo heeft hij inmiddels wel begrepen. Zelfs als hij met Hastler op goede voet zou staan, moet hij nog overeenstemming bereiken met een hele schare hogere advocaten. Het doolhof waarin K. zich bevindt, staat symbool voor de onmogelijke opgave die hij op te lossen heeft. Op zijn tocht door het gebouw komt hij langs een hele rij verdachten die op hun vonnis wachten. Hij belandt zelfs in een kathedraal waar hij vanaf de preekstoel hoort verkondigen dat men schuldig is zolang de onschuld niet bewezen is. Hastler komt hem nog achterna gelopen met een verhaal - dat al in het begin van Le procès in animatiebeelden werd vertoond - over een man die bij een poort komt maar niet wordt doorgelaten door een bewaker. Hij wacht jarenlang tot hij oud geworden vraagt hoe het komt dat er nooit een ander toegang heeft gevraagd, waarop de bewaker zegt dat de poort alleen voor hem bestemd is geweest maar dat hij die nu gaat sluiten. Het lot van K. is bezegeld. De wet is voor het individu niet toegankelijk. Beelden van eenvormige buitenwijken in Oost Europa waarin het individu tot niets gereduceerd is, maken dit duidelijk. Daar wordt de existentiële situatie van de mens nog het duidelijkst zichtbaar, maar ook elders dient men zich nergens op te verheugen.  

Hier de Engelse trailer.

zaterdag 19 augustus 2017

Filmrecensie: Nobody knows (2004), Hirokazu Koreeda


 Trage beelden maken beklemmende toestand zeer duidelijk

Zoals ik in mijn bespreking van de film Kiseki (2010) ofwel I wish opmerkte, is Nobody knows een film die rustig van aard is, met veel aandacht voor het detail, maar dat neemt niet weg dat de wreedheid van verwaarlozing des te sterker naar buiten komt.

Keiko Fukushima, een moeder van vier kinderen van verschillende vaders uit Tokio, heeft er baat bij haar kinderen van de buitenwereld afgezonderd te houden. Als ze eenmaal een geschikte man gevonden heeft, komt alles goed, zo prent ze haar kinderen in. Tot het zover is moeten ze zich gedeinsd hadden. Alleen Akira mag naar buiten om de nodige contact met de buitenwereld te onderhouden en boodschappen te doen. De anderen moeten vooral geen lawaai maken zoals ze in het vorige appartement deden, want dan moeten ze straks weer verhuizen.

Het is een fraai beeld om te zien hoe de jongste kinderen, de zoete Yuki en de drukke Shigeru, beiden in koffers het nieuwe appartement betreden, Akira haalt de oudere zus Kyoko ergens op uit de stad. Moeder Keiko is heel aardig, op het kinderlijke af, hetgeen mooi past bij haar rol. Ze neemt sushi mee voor de kinderen en doet spelletjes met hen, maar dan komt er een periode dat ze voor langere tijd weg moet. Ze draagt Akira op om de zorg voor de anderen op zich te nemen en legt geld neer. De twaalfjarige jongen kwijt zich ernstig en vol zorg aan zijn taak. Het is dan ook smartelijk om te zien dat hij door een winkelier van diefstal wordt beticht. Gelukkig is er een winkelmeisje dat gezien heeft dat andere kinderen de zogenaamd gestolen in zijn tas stopten, terwijl hij een tijdschrift aan het lezen was.

Akira en de anderen zijn blij dat hun moeder eindelijk weer terug is, maar des te erger is het dat ze ook weer vertrekt. Hoewel ze zegt dat ze met kerst thuis zal zijn, blijft ze ditmaal helemaal weg. De thuissituatie verslechtert tot in de lente het water en het gas worden afgesloten. De kinderen zich moeten behelpen met een kraantje in het park en het voedsel dat het winkelmeisje door de achterdeur aan Akira aan reikt. Zelf kan hij zich niet bedwingen om contacten met leeftijdsgenoten aan te gaan, die hem echter ook weer links laten liggen. Dat geldt niet voor de gelijkgestemde Saki die de kerstkaarten voor de kinderen schrijft, die zogenaamd van de moeder komen.  

De details in de film zijn zeer aansprekend, zoals te zien is in de precieze manier waarop Kyoko het rode pianootje neerzet dat ze mee verhuist heeft en de manier waarop ze in het park het speelapparaat van zand ontdoet nadat Yuki daarop gespeeld heeft. Netheid is een duidelijke eigenschap in de Japanse opvoeding, vandaar ook de pijnlijke toestand als het huishouden in het honderd loopt.

De film is gebaseerd op ware gebeurtenissen, al zijn de details verzonnen. Met dit onderwerp snijdt Koreeda een belangrijk onderwerp aan. Hij laat zien hoe belangrijk het voor de kinderlijke ontwikkeling is om aandacht te krijgen van een volwassene. Dat is net zo van belang als voedsel. De traagheid waarmee de film zich voortsleept maakt dit pijnlijk duidelijk. 

Yuga Yagira (Tokio, 1990) speelt een grootse rol als Akira, die het begin vormde van een indrukwekkende carrière, waarin hij als jongste acteur ooit in Cannes werd bekroond met de prijs voor de beste acteur.

Hier de trailer, hier mijn bespreking van Kiseki

Inside the Chinese closet (2015), documentaire van Sophia Luvara


Moeilijke verhoudingen tussen Chinese homoseksuelen en hun ouders

De Italiaanse documentairemaker Sophia Luvara verdiepte zich in de omstandigheden waarin homoseksuelen in China leven. Tot 1997 was hun verschijning nog strafbaar.
Ze portretteert twee homoseksuelen uit Shanghai die op zoek zijn naar een kind waarmee ze hun ouders gerust kunnen stellen. Andy heeft zelf geen vaste relatie, Cherry beëindigt die tijdens het maken van de documentaire, waarvan de titel wellicht vertaald zou kunnen worden met het afvoerputje van de Chinese samenleving.

De sfeer waarin Andy leeft is ongekend Westers. Hij is architect, woont in een fraai appartement en wordt vanwege zijn lijvige gestalte in Chinese homoseksuele kringen een beer genoemd en zoals hij zelf zegt is hij een heel populaire. Hij zit aan de telefoon met zijn vader die het heel erg vond dat hij homo was en graag een kleinkind wil Het is duidelijk dat Andy nogal onder de plak van zijn vader zit en nauwelijks de ruimte heeft om zijn eigen leven te leiden. Hij kookt voor een vrouw die naar Canada vertrekt en zou eventueel met haar kunnen trouwen maar er zijn ook andere kandidaten.

Cherry zegt dat ze nog niet uit de kast is gekomen maar dat haar ouders wel het vermoeden hebben dat ze homoseksueel is. Ze bevindt zich in de omgeving van de school waar ze ooit weg werd gestuurd vanwege een relatie met een vriendin, maar waar ze toch mocht blijven omdat haar vader de directeur omkocht. Ze wilde helemaal niet lesbisch zijn en probeerde zich aan te passen. Cherry praat met haar moeder over de prijzen van een adoptiekind. Haar vader hoorde over een jongetje dat in de aanbieding is, maar Cherry betwijfelt of het kind gezond is.

Ze bezoekt een schijnhuwelijksmarkt waar ook Andy zich laat zien. Die heeft later een gesprek met de geliefde van Cherry omdat de twee aan het einde van hun relatie zijn. De knappe vrouw met bril wil in ieder geval niet rechtstreeks bevrucht worden. Andy neemt graag een foto van haar om zijn vader tevreden te stellen. De vader praat op zijn zoon in over de verdere mogelijkheden van een draagmoederschap die zo’n halve ton bedragen. De transacties doen heel zakelijk aan. Andy raadpleegt het internet en hoort van de Thaise Nicole dat de wettelijke mogelijkheden daar ingeperkt zijn. Luvara zegt dat ze zich eventueel ook wel beschikbaar wil stellen en praat met Andy over de consequenties daarvan. Op de vraag van Luvara over hij de film aan zijn vader zou willen laten zien, antwoordt Andy bevestigend. Het zou zijn vader meer inzicht geven in zijn problemen. Zijn moeder houdt hij liever buiten schot. Dat ligt allemaal te gevoelig.

Cherry viert met haar ouders het Chinese nieuwjaar en wordt door de familie aan de tand gevoeld over het feit dat ze nog geen kind heeft. Ze vertelt haar moeder onder vier ogen over haar situatie als homoseksuele vrouw en wil niet dat zij haar in de wielen rijden met het zoeken naar een kind. Haar vader kijkt naar een uitzending over stijldansen op de televisie. De beelden zeggen genoeg.

Aan het eind laat Luvara weten dat Andy tegenwoordig naar een kind in de Verenigde Staten zoekt en dat Cherry als gescheiden vrouw in een appartement in Shanghai woont. De invalshoek om het moeilijke leven van homoseksuelen via de zoektocht naar een kind voor de grootouders aan de orde te stellen, is uitermate boeiend en spannend.

Hier de trailer op vimeo.

Filmrecensie: La vache (2016), Mohamed Hamidi


Landbouwbeurs mekka voor boeren

Het verhaal van La vache is even aardig als simpel. Een vrolijke Algerijnse boer, Fatah Bellabès geheten, heeft een koe en wil daarmee graag naar een landbouwbeurs in Parijs, dat een mekka voor boeren is. Vanwege zijn francofiele instelling heeft hij zijn koe, van een soort met de naam Tarentaise die veel in de Alpen voorkomt, Jacqueline genoemd. Samen trekken ze door Frankrijk en beleven allerlei avonturen. Hoewel La vache gemakkelijk zou kunnen ontaarden in een melige vertoning, blijft de film aanvaardbaar door de teksten die op niveau zijn en ergens over gaan, bijvoorbeeld over de moeilijkheden die een goedwillende moslim in Frankrijk ondervindt.

Fatah is een man uit Boulayouni die door zijn mede dorpelingen met een scheef oog wordt bekeken omdat hij zo gek is op zijn koe, waarmee hij naar de markt gaat om de producten van zijn land te verkopen. Zijn vrouw Naïma moet wedijveren met zijn liefde voor de koe en heeft daar de pest over in. Ze is haar rode kleed kwijt en vraagt Fatah of die het gezien heeft, waarop Fatah het kleed zo snel mogelijk van de rug van Jacqueline haalt. Als ze hoort dat Fatah een uitnodiging heeft gekregen voor de beurs inclusief een visum maar zonder reiskostenvergoeding, zegt ze hem dat hij bij haar broer Hassan langs te gaan die in Marseille woont. Fatah heeft daar echter niet veel trek in omdat hij een vervelende ervaring met Hassan heeft gehad. De vader van Naïma geeft hem echter een pakket mee zodat hij niet om een bezoek heen kan. De schoolkinderen volgen de reis op de landkaart op de voet en leren daarmee iets van aardrijkskunde, taal en rekenen.

Hassan is niet erg blij om Fatah te zien, maar diens vrouw Stéphanie, een knappe blondine, is des te nieuwsgieriger naar haar zwager. Op weg door het zuiden van Frankrijk logeert Fatah later bij een vriendelijke boerin, die ook Jacqueline heet. Hij geeft haar in de ochtend een kan melk en kookt voor haar een Algerijns gerecht met paprika en knoflook, Felfel geheten. Een bezoek aan een dorpsfeest leidt tot de nodige commotie omdat een vrouw die Cathy heet foto’s van hem maakt terwijl hij een fles drank aan zijn mond heeft en met haar zoent en die doorstuurt naar Algerije. Naïma is niet blij en de vrijgezelle dorpeling Mokhtar praat op haar in dat hij een betere echtgenoot zou zijn. Samir brengt hem op de hoogte van een en ander.

Als Fatah in een groene wei aan het bidden is, verdwijnt Jacqueline. Ze staat vast met haar poten in de rivier op het landgoed van de arme en gescheiden graaf Philippe, die helemaal niet blij is met het gezelschap maar in de loop van de ontmoeting bijdraait.
Fatah probeert de graaf op te beuren door hem te vertellen over het hasanaat en Philippe helpt Fatah een brief te schrijven aan Naïma om zich te verontschuldigen over de foto’s. Hij legt daarin uit dat hij niet schuldig was aan overspel maar dat dit kwam door de perensap die hij van een Fransoos kreeg aangeboden, hetgeen in de film een gimmick wordt.

De afloop van de film maakt van La vache een feelgood movie. Zelfs de onwillige Hassan zet zich in om zijn zwager op tijd naar de landbouwbeurs te krijgen en er voor te zorgen dat Jacqueline toch nog mee kan doen al waren ze door allerlei verwikkelingen te laat. Hamidi brengt daardoor mensen bij elkaar. Dat is een hoopgevend geluid in deze tijden van haat en uitstoting.

Hier de trailer van La vache die in het Engels, hoe kan het anders, The cow heet.

vrijdag 18 augustus 2017

What happened, Miss Simone? (2014), documentaire van Liz Garbus


Doodeerlijke zangeres gebeukt door de tijdgeest

Liz Garbus, bekend van de documentaire Bobby Fischer against the world maakte met What happened, Miss Simone? andermaal een prachtig portret van iemand die het niet gemakkelijk had in haar leven. Nina Simone (1933-2003) kwam net als Fischer haar ongeluk te boven door zich te richten op haar talent, namelijk haar enorme kwaliteit als pianiste en zangeres. Gitarist Al Schackman en dochter Lisa vormen, naast dagboekaantekeningen van Nina zelf, belangrijke informatiebronnen.

Garbus begint met het optreden van Simone in Montreux in 1976, waarop ze de vraag stelt waarom ze acht jaar niets van zich heeft laten horen. Dat is een mooie aanleiding om terug te blikken op haar leven.

 Simone werd als Eunice Waymon geboren in North Carolina en leerde piano spelen in de kerk waar haar moeder predikant was. Dat werd opgemerkt door een blanke pianolerares die haar de beginselen van de klassieke muziek bijbracht. Ze werd niet toegelaten tot een conservatorium omdat ze zwart was, maar deze opleiding gaf haar vlak voor haar dood nog wel een eredoctoraat.

Ze zong in een bar in Atlantic City, veranderde haar naam zonder dat haar moeder dat wist in Nina Simone –naar Simone Signoret - en werd daar opgemerkt door politieman Andrew Stroud die zijn carrière opgaf om haar manager te worden. Bandlid Schackman had inmiddels door dat Simone iets dwarszat. Ze communiceerde slecht, maar ze hadden wel een telepathisch contact. Clubeigenaar George Wein wist wat hij voor vlees in de kuip had en bracht haar naar het Newport jazzfestival in 1960. Daar brak ze door met Little Liza Jane. Hugh Hefner van Playboy nodigde haar uit om de hit Porgy te komen zingen. Ze trouwde in 1961 met Stroud en trok in een mooi huis in Mount Vernon, New York, waar niet veel later Lisa geboren werd, die vervolgens haar moeder nauwelijks zag.

Het gebrek aan inhoud speelde Simone op, maar gelukkig was er de burgerrechtenbeweging waar ze haar ziel in kwijt kon en ook haar woede op Stroud die haar sloeg. Ze vertolkte haar gevoelens na een moord op zwarte kinderen in een kerk in het nummer Mississippi Goddam en speelde dat ook tijdens de mars naar Selma in 1965.  
Haar radicalisering vervreemdde haar van haar publiek en de platenmaatschappijen. Schackman zag dat ze tegen demonen vocht en liet haar vijf dagen opnemen, maar in 1968 na de moord op Marten Luther King vertrok ze naar Liberia waar ze zich eindelijk bevrijd voelde. Lisa die zich bij haar voegde, ervaarde dat haar moeder zelf ook sloeg, zodat ze terugging naar haar vader.

Om geld te verdienen ging Simone naar Montreux waar ze het publiek duidelijk maakte hoe ze ervoor stond. Daarna ging ze naar Parijs maar dat was geen succes. Haar vriend Gerrit de Bruin haalde haar uit de goot en nam haar mee naar Nederland waar ze medicijnen tegen manisch depressiviteit kreeg toegediend, hetgeen maakte dat ze in ieder geval haar muzikale carrière weer kon opnemen. Lisa, die de documentaire ook produceerde, zegt dat de muziek haar redding was.  

De titel is afkomstig van een uitspraak van de zwarte Amerikaanse schrijfster en dichteres Maya Angelou (1928-2014), die in haar eerste roman I know why the caged bird sings haar traumatische jeugdervaringen beschrijft.

Hier de trailer van What happened, Miss Simone? hier mijn bespreking van Bobby Fischer against the world.

Filmrecensie: The other Boleyn girl (2003), Justin Chadwick


Zusjes als fokvee voor de Engelse koning

Een kostuumdrama is de Engelsen wel toevertrouwd. Ook regisseur Justin Chadwick vertelt met prachtige beelden, kleuren (zoals de kleur groen op de poster) en muziek het verhaal over de twee zusjes Boleyn die Henry Tudor, koning Henry de Achtste van Engeland, aan een troonopvolger moeten helpen aangezien zijn wettige echtgenote Catherine van Aragon hem die niet kan schenken.

Het bericht van de zoveelste mislukking van Catherine is koren op de molen van de vader en de oom van de zusjes Anne (een prachtige rol van Natalie Portman) en Mary (Scarlett Johansson) Boleyn. Door een van de zusjes aan te bieden, kan de naam Boleyn grote bekendheid krijgen en de familie opstijgen in de vaart der volkeren. In de tussentijd trouwt Mary met William Carey. Anne is haar zus tot steun en toeverlaat. Zelf wordt ze begeerd door Henry Pierce. Tijdens een rit ter paard met Anne, die echter een ree aan gaat, komt de koning ten val, waardoor hij zich in zijn waarde voelt aangetast en zijn ziekenverzorgster Mary als opvolgster voor Anne kiest. De laatste mag net als William mee naar het hof, al is Catherine daar natuurlijk niet blij mee.

Vader Boleyn en de oom ondervragen Mary na de eerste nacht meteen of de koning tevreden was in bed. De status van de familie reikt verder dan de privacy van Mary. Anne die in het geheim met Henry getrouwd is, wordt voor straf naar het Franse hof gestuurd. Ze neemt het Mary kwalijk dat zij het geheim aan hun vader heeft doorverteld. Hun broer George trouwt boven zijn stand met de adellijke Jane Parker. Moeder Boleyn is niet blij met al deze ontwikkelingen.

Als Mary problemen krijgt tijdens de zwangerschap en bedrust moet houden, wordt Anne teruggehaald uit Frankrijk. Het is belangrijk om de koning tevreden te houden en te zorgen dat hij niet geïnteresseerd raakt in een ander knap meisje. Zoals te verwachten valt is raakt Henry in de ban van de gehaaide Anne. De zoon die Mary hem schenkt wil hij niet eens zien. Hij stuurt haar op verzoek van Anne zelfs weg. Anne wil alleen met de koning naar bed als hij het huwelijk met zijn vrouw Catherine nietig verklaart. Zelfs een breuk met de katholieke kerk accepteert ze. Dan wordt Henry maar hoofd van de Anglicaanse kerk.

De haat liefde verhouding tussen de zusjes is een belangrijk thema in The other Boleyn girl,die gebaseerd is op de gelijknamige roman van Phillipa Gregory. Als Henry Mary terugroept naar het hof om hem te laten weten dat het huwelijk tussen Anne en Henry niet geconsummeerd is, verzoenen de zussen zich met elkaar. Anne heeft een dochter gekregen die ze Elizabeth heeft genoemd en raakt echter in paniek als ze de koning geen zoon kan geven. De kans dat ze als heks wordt opgesloten is niet gering. Ze dringt er zelfs bij haar broer op aan om haar te bevruchten. Jane Parker heeft daar iets van opgevangen en licht de koning in. Dat zet een proces in werking waarbij George en Anne publiekelijk onthoofd worden. De dochter van Anne werd later wel de Britse koningin Elizabeth I. Daarmee zijn we aangekomen bij de film van Shekhar Kapur uit 1998.

Hier de trailer van The other Boleyn girl, hier mijn bespreking van Elizabeth.

donderdag 17 augustus 2017

Team Gaza (2016), documentaire van Frederick Mansell en Laurens Samson


Grote machteloosheid in Palestijnse enclave

Team Gaza is niet, zoals verwacht, een hulpverlenersproject in de Gazastrook, die in de documentaire van Frederick Mansell en Laurens Samson de grootste gevangenis ter wereld wordt genoemd waar twee miljoen mensen in behoeftige omstandigheden leven, maar portretteert een viertal voetballers van Beach Camp - de naam van de wijk in Gaza-stad en tegelijk de naam van de club – die daar hun zorgen even kwijt kunnen, al zijn de verrichtingen van de club niet om over naar huis te schrijven. 

Usame, Ahmed, Imad en Nehru hebben allen hun eigen levensvisie en brengen daarmee de diversiteit aan meningen van Palestijnen op een geschakeerde manier naar buiten. Usame heeft een godsdienstige instelling en legt zich neer bij de traagheid waarmee de bouw van een nieuw huis gepaard gaat, Ahmed komt het liefst meteen in opstand tegen de gehate Israëliërs, Imad droomt van een eigen kapperszaak en zegt tegen een klant dat hij niet wil dat zijn verloofde gaat werken of studeren, Nehru wil het liefst zijn voetbaltalenten ontplooien maar wordt tegengehouden door een grens die dicht is.

De documentairemakers volgen de hoofdpersonen een voetbalseizoen lang, dat dramatisch slecht begint, waardoor de trainer ontslagen wordt, maar een nieuwe coach brengt weinig verlichting. Op het eind van de competitie hangt het erom of Beach Camp wel of niet degradeert maar ze weten dat net nog te voorkomen, hetgeen veel vreugde teweegbrengt en gezwaai met intens blauwe vlaggen.

Interessanter dan de beelden van het knollenveld van de club en de povere kwaliteit van het spel is de ideeënwereld van de vier spelers die op betrokken wijze door de documentairemakers over het voetlicht wordt gebracht. Usame loopt over de resten van zijn gebombardeerde huis, bidt voor zijn moeder die in Israël geopereerd wordt en knuffelt met zijn baby, die hij in een nieuw huis hoopte onder te brengen. Ahmed komt in actie tijdens een training die militair oogt en verder zien we hem aankloppen bij de administratieve dienst van de VN om zijn dochter aan te geven, voedsel op te halen of een verwijzing voor zijn zoon die besneden wordt. Imad treedt in het huwelijk, maar vindt het vervelend dat zijn bruid bij zijn ouders moet intrekken en krijgt toch nog een eigen zaak en een kind. De achttienjarige Nehru wacht tot de grens met Egypte opengaat zodat hij naar Zweden kan om daar zijn vleugels uit te slaan. In de tussentijd kijkt hij op zijn telefoon, vist hij met zijn opa en verzorgt hij de duiven.

Een mooie scène in deze lange documentaire volgt de tocht van Nehru, zijn broer Omar en zijn vader naar de grens bij Rafah. Eerst dient men zich in te schrijven, vervolgens moet er lang gewacht worden in een hal waar geldwisselaars actief zijn. Tenslotte kan de bagage in een bus gepropt die naar de grens rijdt, waar de Egyptische grenswachten echter niet blijken te werken waarop het drietal maar weer de terugtocht onderneemt. De machteloosheid van de inwoners van Gaza is groot, zoals ook te zien is in een scène waarin Usame na een bezoek aan een kantoor in Rafah, waar men hem ook niet kan helpen aan een woning, uitkijkt op de grens, zo dichtbij maar tegelijk zo ver, waar mensen in vrijheid kunnen leven.   

Hier de Facebookpagina van Team Gaza, waarop het laatste bericht dat Team Gaza genomineerd is voor de Gouden Kalf competitie van het NFF 2017.

Filmrecensie: Camping (2006), Fabian Onteniente


Veel flauwiteiten in Franse zomerfilm

Wat kan men verwachten van een Franse film met de titel Camping? In ieder geval dat het een zomerfilm is met de nodige luchtigheid. Regisseur Fabian Onteniente komt aan deze verwachting tegemoet, maar reikt ook niet veel verder waardoor Camping ten onder gaat aan meligheid, die zelfs op een mooie zomeravond te veel van het goede is.

Het verhaal gaat over camping Les flots bleus aan de Atlantische kust waar een groep Fransen jaarlijks in augustus naar toe trekt om het werkzame bestaan achter zich te laten en te genieten van zon, zand en zee. Een van hen is Jacky Pic die met zijn vrouw Laurette de caravan achter zijn auto hangt en zich gelaten in de file voegt die het begin van de zomervakantie markeert. Ook plastisch chirurg Michel en zijn dochter Vanessa gaan op weg, in een sportwagen die hen naar Marbella in Spanje moet brengen. Michel heeft zelfs geen tijd meer om de mooie borsten van een cliënte nader te bekijken, want de zomer is heilig.

Beide koppels krijgen echter te maken met problemen. Jacky kan het niet uitstaan dat er een Hollander op de plaats staat die hij sinds een eeuwigheid heeft ingenomen, Michel krijgt panne, precies op de plaats waar de groep kampeerders van Les flots bleus langskomt op hun weg van het strand. Er ontstaat een discussie waar Michel het beste met zijn auto naar toe kan gaan. Patrick probeert een hotel voor hen te zoeken in het naburige Arcachon maar helaas blijkt alles volgeboekt en biedt hij, omdat zijn eigen vrouw en dochter nog niet gearriveerd zijn, een deel van zijn bungalowtent aan de dokter en zijn dochter aan. Michel probeert zich te behelpen op een veldbed en moet van Patrick ook nog een oordeel geven over de borsten van zijn vriendinnetje.

Zoals te voorzien duurt de reparatie van de sportwagen langer dan gedacht. Vanessa wordt meegenomen door een paar jongeren van de camping, leert surfen en krijgt daar ook een vriendje, waardoor haar animo om verder te reizen niet groot is. Michel, die in de steek gelaten is door zijn vrouw, krijgt te maken met Sophie die het overspel van haar man Paulo met ene Bunny beu is en het met de dokter wil aanleggen. Tot zijn ergernis viert de hele camping zijn verjaardag mee. Patrick nodigt hem ook uit voor een show in een nachtclub, waar een miss verkiezing gehouden wordt, die gewonnen wordt door een van de schonen van de camping. Patrick is zelfs verontwaardigd dat Michel er op het eind vandoor wil. Vanessa brengt haar vader op andere gedachten en zorgt daardoor meteen dat hij de vrouw van de Hollander kan helpen met bevallen. De geboorte van een zoon zet aan tot verzoening, waarop de hele camping Michel en zijn dochter uitzwaaien.

Wat vooral tegenstaat is de ironische toon die nergens doorbroken wordt. Vooral Patrick, die zo’n beetje de hele film in een hemdje en een kort gesneden zwembroekje rondloopt, is een prototype van een flierefluiter die al zijn persoonlijke problemen onder tafel schuift en het adagium van vrijheid blijheid laat gelden, dat echter al gauw oppervlakkig en vervelend wordt. Ik zag dat Onteniente drie jaar later zelfs nog een vervolg gemaakt heeft met de titel Camping 2 maar een zo’n film was voor mij meer dan genoeg.

Hier de trailer.

woensdag 16 augustus 2017

The grown ups (2016), documentaire van Maite Alberdi


Ontwapenend portret van vier verstandelijk gehandicapten die meer vrijheid willen

De Chileense documentairemaker Maite Alberdi maakte een ontwapenend portret van een viertal volwassenen met het syndroom van Down die hun leven lang al op een aangepaste bakkersschool werken en hun afhankelijkheid zat beginnen te worden. Vooral bij Anita (rechts op de foto) straalt de onvrede van haar gezicht. Ze vindt haar leven maar saai en zou het liefst met haar vriendje Andres (links op de foto) samenwonen, maar tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren, schreef Elsschot al.

Alberdi begint met de bus die de vier hoofdpersonen Anita, Andres, Rita en Ricardo van huis naar school brengt. De kijker kan zich voorstellen dat het er elke dag hetzelfde aan toe gaat. Rita eet tijdens haar werk stiekem chocolade hetgeen haar moeder in een brief verboden heeft en Rita wordt daar dan ook op aangesproken. Desondanks steekt ze later toch weer een stuk chocolade in de zak van haar witte overall. Ricardo werkt behalve op de bakkerij ook in een bejaardencentrum waar hij zich bekommert om oudjes die zo gemakkelijk nog niet zijn. Anita is erg overstuur over de dood van haar vader en wordt door Andres getroost. Hij vertelt haar dat we de doden in ons hart kunnen sluiten waardoor ze toch nog bij ons blijven. Als Andres jarig is, verstopt Anita zich in een taart van karton. Hoewel ze eerder heeft gezegd dat ze daarbij geen bikini zal dragen, trekt ze bij haar verschijnen uit de taart toch haar overall uit en danst ze in een glitterhemdje.

Het geld dat ze in de bakkerij verdiend hebben, wordt door Rita gebruikt om speelgoed van te kopen. Ricardo legt het opzij om te sparen voor de toekomst waarin hij zelfstandig wil zijn. Anita denkt dat Andres een verlovingsring voor haar wil kopen. Dat klopt maar ze wordt later door hem gebeld dat zo’n ring te duur is, waarop zij hem zegt om daarmee te wachten. Ze gaan wel naar de dokter om te vragen of ze niet een eigen ruimte kunnen krijgen waarin ze met elkaar kunnen vrijen. De dokter gaat akkoord. Anita zegt tegen Andres dat hij niet voorzichtig heeft te zijn, omdat ze toch niet meer menstrueert. Het is een aandoenlijk gezicht om de twee knus naast elkaar in bed te zien liggen.

Tijdens een les van juf Patty over zelfredzaamheid wordt gesproken over de dromen die ze hebben. Patty wil niet dat het leven aan hen voorbij gaat, maar hoe ze dat kunnen verwezenlijken zegt ze er niet bij. De moeilijkheidheid daarvan wordt schrijnend duidelijk in een scène waarin Ricardo samen met Patty bekijkt dat zijn verdiensten in de bakkerij en in een bejaardencentrum, 21 euro, lang niet genoeg zijn om de kosten, zo’ n zevenhonderd euro, van het zelfstandig wonen te dekken.

Ook de toekomst van Anita en Andres gaat niet over rozen. Een priester vertelt hen dat zij alleen kunnen trouwen als de familie toestemming geeft. De moeder van Anita spreekt een hartig woordje met haar dochter, die duidelijk niet meer onder haar bewind wil leven. Het is wreed voor haar dat Andres van school af moet omdat zijn familie de kosten niet meer wil betalen. Tijdens een afscheidsfeestje beurt de bijna altijd montere en positieve Andres zijn vriendin op. Samen zingen ze uit volle borst een lied over de liefde die gedwarsboomd wordt.

De hoofden van het viertal zijn bijna gebeeldhouwd zo mooi, maar dat zal ook komen door de liefdevolle manier waarop Alberdi hen gefilmd heeft. The grown ups doet daarom denken aan de Spaanse film Yo, También! (2009)

Hier de trailer van The grown ups, hier mijn bespreking van Yo, También!.

Filmrecensie: Et Dieu créa la femme (1956), Roger Vadim


Sensuele jonge vrouw door maatschappelijke normen in het gareel gehouden

In de documentaire Brigitte Bardot – the misunderstood (2013) van David was al een scène uit Et Dieu créa la femme te zien die veelzeggend was voor het leven van de mooiste Franse filmster. Op weg naar een nieuw met haar geliefde Antoine Tardieu in Toulon doet hoofdpersoon Juliette Hardy haar konijn weg dat in een kooitje zat. Omdat de bus waarin Antoine zat niet voor haar stopte, doet ze het konijn meer weer terug en hervat haar ontoereikende leven in Saint Tropez. Juliette is een vrouw die behoefte heeft aan leven maar door haar omgeving in een gareel gehouden wordt. Het is de schaduwkant van schoonheid, waarvan alleen de buitenkant gezien wordt.

In de film Et Dieu créa la femme die in het Engels And God created woman heet, laat regisseur Roger Vadim hoe moeilijk het leven voor de knappe Juliette is, hoe hard ze verlangt naar een gelukkige relatie met stadsgenoot Antoine, maar door de omgeving daartoe niet in staat gesteld wordt. Antoine is door de negatieve berichten over Juliette huiverig om haar mee te nemen en laat de bus ondanks de afspraak met Juliette gewoon doorrijden naar zijn werk in Toulon.

Het begin van de film is al veelzeggend. Juliette ligt in haar blootje te zonnen achter een laken als de rijke project ontwikkelaar Eric Carradine in zijn sportwagen bij haar langskomt en haar een speelgoedmodel van een rode sportwagen toont die hij voor haar zal kopen als ze tegemoet komt aan zijn verlangens. Veel tijd om die te beantwoorden heeft Juliette niet, want meteen staat haar stiefmoeder voor haar om te zeggen dat ze al in de winkel had moeten staan. De vrouw, madame Morin geheten, is heel negatief over het meisje dat zij en haar man uit het weeshuis gehaald hebben. Haar man die in een rolstoel zit, geniet evenwel van de blikken die hij op haar prachtige naakte lijf heeft kunnen werpen.

Het conflict in de film wordt opgeroepen door Carradine die een lap grond wil kopen van het gezin Tardieu, dat naast de ouders uit de zoons Antoine, Michel en Christian bestaat en die daarop een werf hebben. Hij wil daarop, zonder dat het gezin dat weet, een casino bouwen, maar het gezin, met de oudste zoon Antoine voorop, gaat toch al niet akkoord met het voorstel, omdat ze dan niets meer te doen hebben. Antoine wil liever met Juliette in Toulon gaan wonen en spreekt na een dansavond met haar af om de volgende dag samen met de bus naar Toulon te gaan, maar in de luttele uren die hen nog rest gaat er van alles mis. Juliette vangt op dat ze een slet is, krijgt van madame Morin te horen dat die haar terug wil sturen naar het weeshuis en Antoine wordt, zonder dat de kijker dat ziet, door zijn moeder op andere gedachten gebracht, zodat Juliette haar losgelaten konijn weer in het kooitje kan doen nadat de bus naar Toulon aan haar voorbij gereden is.

Michel heeft te doen met Juliette en wil graag met haar trouwen om te voorkomen dat ze tot haar volwassenheid nog drie jaar in het weeshuis moet doorbrengen. Julliette is huiverig om daarin mee te gaan want ze kent zichzelf wel een beetje, maar zijn idealisme wint het van haar twijfel, zelfs al wordt hij door anderen voor hoorndrager uitgescholden. Daarop volgt met mathematische zekerheid een conflict met Antoine, zeker als hij bij Carradine bedongen heeft dat zij de grond willen verkopen, zolang hij zelf de leiding op de werf op zich kan nemen, waarna het verhaal op boeiende wijze naar het einde toe loopt.  

Hier de trailer, hier mijn bespreking van de documentaire Brigitte Bardot – the misunderstood.

dinsdag 15 augustus 2017

Penrose poëziefestival 2017, Vondelbunker, Amsterdam, 13 augustus 2017



Organisator, lied- en puntdichter (‘met kerst is het konijn het haasje’) Are Meijer is er opnieuw in geslaagd een fantastische locatie te vinden voor het vierde Penrose poëziefestival. De atoomschuilkelder uit 1947 in het Vondelpark voldoet uitstekend als gelegenheid waarin zeven uitgenodigde dichters hun werk naar voren kunnen brengen. Boven de hoofden van de dichters knarst de tram vol mensen die zich totaal niet bewust zijn wat zich onder hen afspeelt in de veiligheid die de schuilkelder biedt. 


De muziek is andermaal van Annemarie Brijder. Zij voegt net dat noodzakelijke ingrediënt toe dat zo’n drie uur durend spektakel nog levendiger maakt.Ze begint met een ode aan Nijmegen, de stad van een vroegere geliefde, brengt een tegenwicht tegen alle slecht nieuws op de televisie, zingt in het Frans voor haar nichtje Elise en is er tenslotte wel klaar mee. 

Dit maal heeft Meijer acht dichters uitgenodigd, die - op Gerda Posthumus uit Vlieland na - vanuit alle hoeken van het land, van Groningen tot Limburg, en zelfs uit Gent gekomen zijn. Omdat de laatste Erika de Stercke (Ninove, 1968) volgens Meijer sterk beïnvloed wordt door hetgeen ze om zich heen hoort, mag ze aftrappen en ze doet dit met veel elan met gedichten, die uit het dagelijks leven ontleend zijn, te beginnen met Wakker en daarna onder andere over de zeven vergeten groenten. Tussendoor vertelt ze een aantal Belgenmoppen, waarbij de mop over de vraag waarom een Belg een mes in de auto meeneemt al door de zaal beantwoord wordt, namelijk om de bochten af te snijden.

Eric Jansen (Culemborg, 1962) zet zijn bril op omdat hij zijn gedichten in het rode spotlicht nauwelijks kan zien, maar als er een foto gemaakt wordt zet hij hem gauw weer af. Hij laat weten dat veel van zijn voorgedragen werk in zijn vierde bundel Einde eiland staat, dat vooral verhalende observaties met een, naar ik beluisterde, vervreemdende werking bevat. Poëzie is voor hem een levensreddend medicijn en hij geniet ervan om dit te delen met lijders aan dezelfde ziekte. Hij begint met Openingszinnen over het woonwerkverkeer en eindigt met Voortbestaan: 's Nachts sta ik op / in mijn droom / pak pen en papier / en ga onder bruggen liggen / schrijven. Daartussen door leest hij Naderende vrijheid over een man die steeds meer gaat geloven in de kritiek die een vriend op zijn vrouw heeft, De mannen die niet meer terugkwamen over de groep die ooit een pakje sigaretten ging kopen, maar toch besloot om weer op te duiken, Serpent over een vervellende vrouw, en In de duinen (zie hieronder).

Robin Veen (Den Haag, 1953) vertelt dat hij zijn gedichten met een mooie regel begint en dat het einde ongewis is. Vandaag leest hij het verhalende gedicht Glas voor, dat twee delen bevat waarbij het eerste deel over een vrouw en het tweede deel over haar zoon gaat, die een moeilijke verhouding met elkaar hebben. Na de pauze leest hij nog vijf gedichten, te weten Illusies, De grens, Bruin café, Kom je ook?, Schizofreen en als toegift het sonnet Ooit.



Meliza de Vries is in Sri Lanka geboren en voelt zich duidelijk thuis op het podium. Ze timmert hard aan de weg, leest voor uit een dik aantekeningenboekje met intelligente en zelfbewuste poëzie. Ze schreef speciaal voor deze gelegenheid in de atoomschuilkelder het gedicht F5 toets (zie hieronder), leest vele andere gedichten voor zoals Spam, waarin ze zegt dat mensen het mooist zijn als ze ongewenst zijn, Eilandhoppen, hetgeen in haar geboorteland toch iets heel anders is dan op Vlieland, haar bekroonde bijdrage Liefste voor een liefdesbrievenwedstrijd en eindigt, omdat we in de buurt van Artis zijn, met Pinguïns over het meten met één maat.

Frans Terken (Heerlen, 1949) debuteerde in 1969 in de Dichtershoek van NRC en woont tegenwoordig in de omgeving van Leiden. In 1999 hervatte hij zijn poëtische werk in een fraaie gedragen stijl, onder andere tijdens de Haarlemse Dichtlijn. Hij begint met Zomerzinnen naar aanleiding van de tour van de Poëziebus, leest voor uit gedichten die hij in Eijlders voordroeg, zoals Waar ligt de grens? Na de pauze leest hij onder andere voor uit de bundel die hij met Joop Scholten maakte, zoals het gedicht In kamers gerommeld. 



Jan Kal (Haarlem, 1946) behoeft geen introductie, maar Meijer houdt toch diens bundel Praktijk hervat in de hoogte die hij op de middelbare school bij De Slegte in Groningen kocht. Kal leest eerst bekende sonnetten van hemzelf, zoals Mont Ventoux en Cruijff 50, daarna latere sonnetten zoals Bomaanslag Bologna waarin hij ternauwernood ontsnapt aan een terroristische aanslag in 1980, en tenslotte sonnetten uit de Europese traditie. Hij begint met het allereerste sonnet dat hij ooit schreef, Uitgeschreven geheten. Tegenwoordig maakt hij sonnetten op basis van zijn dromen hetgeen hallucinerende inhoud oplevert waarbij Janine Jansen moeiteloos overgaat in Daphne Schippers of, tijdens een stadswandeling met Max Pam, de Grote Markt in Haarlem steeds maar wijkt. Het Franse sonnet baseerde zich op Petrarca. De Franse hofdichter Pierre de Ronsard werkte Een hagelwitte hinde uit 1304 om tot Een hertenjong. Veel van zijn sonnetten gaan over de onbeantwoorde liefde met titels als Die gouden lokken of De verliefde dokter. Op zijn sterfbed dichtte hij Ik heb nog botten slechts en voor hij de laatste adem uitblies ’t Is klaar.  


Anneke Wasscher (Leek, 1946) viert haar tienjarig jubileum als dichter en schrijver van korte verhalen. Half oktober verschijnt haar eerste bundel met voornamelijk weemoedige gedichten bij uitgeverij Contrast. Wasscher leest gedichten voor over relaties zoals de uitweg (zie hieronder), Het sprak vanzelf over het gemis van een echtgenoot en Verboden liefdes over een liefde die nooit verwerkelijkt werd. Controle gaat over een borstonderzoek. Ze leest ook over ouderdom en sluit af met Symbool, dat over de stof van de Davidster gaat naar aanleiding van een bezoek aan Westerbork. 

Hier mijn verslag van het Penrose poëziefestival 2016,
hier de site van Are Meijer,
hier de site van Annemarie Brijder met daarop enkele nummers die ze zong,
hier een aantal deze middag niet voorgelezen gedichten van Erika de Stercke op de site van Leestafel,
hier In de duinen, een favoriet gedicht van Eric Jansen,
hier de site van Robin Veen,
hier de site van Meliza de Vries met daarop F5 toets en We zouden opnieuw kunnen beginnen (p.3), Liefste (p.13) en Eilandhoppen (p.29),
hier de blogspot van Frans Terken met daarop Waar ligt de grens?,
hier Mont Ventoux en Cruijff 50 op Gedichten.nl,
hier meer over Anneke Wasscher op Meander, hier haar gedicht de uitweg, hier Het symbool.

Met dank aan Onno Wijchers en Anneke Wasscher en haar man voor de foto’s.