Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 25 maart 2018

Recensie: Wees onzichtbaar (2017), Murat Isik


Leed van een migrantenzoon op invoelende wijze verwoord

De foto op de achterflap spreekt boekdelen. Daarop is auteur Murat Isik te zien terwijl hij met een veelbetekenende, maar niet gemakkelijk te doorgronden blik schuin in de verte kijkt. De omschrijving die ernaast staat, geeft precies aan waar Wees onzichtbaar over gaat: een epische roman over de wanhopige strijd van een gezin tegen een tirannieke vader, met de Bijlmer als decor. De vuistdikke roman beschrijft in nietsontziende bewoordingen de jeugd van alter ego Metin Mutlu in drie delen, waarin achtereenvolgens de lagere schooltijd, de middelbare schooltijd en de tijd op de universiteit aan de orde komen. Daarin springt de moeilijke vader zoon relatie op de voorgrond. Het is moeilijk te begrijpen dat de jonge Metin zo systematisch door zijn vader genegeerd werd en klappen kon krijgen als hij niet de uiterste gehoorzaamheid in acht nam. In ieder geval levert het vele uren op van een beklemmende leeservaring die niet zo snel vergeten wordt.

Voorafgaande aan het eerste deel van de roman spreekt de schrijver bij monde van zijn hoofdpersoon over de noodzaak om onzichtbaar te zijn: ‘We moesten geduld hebben, hield ik mezelf voor. We moesten geduld hebben en doorstaan wat op ons afkwam. Het had geen zin om weg te lopen voor de pijn, we konden nergens heen. En als het ons te veel werd, moesten we onzichtbaar zijn.’ Dit uitgangspunt is al zichtbaar in de situatie voordat het Turkse gezin in de Bijlmermeer terecht kwam. De vader kon in Hamburg geen woning krijgen en hoorde dat dit met gezinshereniging wel zou lukken, dus liet hij zijn vrouw, dochter en vijfjarige zoon overkomen. Omdat de belofte niet werd in gelost, werd het gezin ondergebracht bij kennissen waar het onder de radar moest blijven.

In de Bijlmer waar het gezin zich in 1983 vestigde, dienden de gezinsleden vooral onzichtbaar te zijn voor de vader, die zijn eigen gang ging en nauwelijks geld afdroeg voor het gezin. Het feit dat het gezin geen familie om zich heen had maakte het extra kwetsbaar, Metin voorop. Parool journalist Rolf, die op dezelfde verdieping woonde, was de enige man die Metin zag, maar daarnaast had de jongen ook nog wel vriendjes van christelijke of Pakistaanse afkomst. Metin was in die tijd ook al schoorvoetend bezig om op seksueel gebied te ontwaken, om te beginnen rond de komst van nicht Ayse in het gezin die daarin een behoorlijke stoorzender was, maar ook zijn eerste seksuele ervaringen met andere meisjes zijn doorleefd beschreven. De thuiskomst van de vader was altijd weer een gevreesd kantelmoment waarbij Metin wel eens moest voorkomen dat zijn snel aangebrande vader zijn moeder doodsloeg. In de middelbare schooltijd escaleerde de toestand zodanig dat Metin zijn vader niet meer als zodanig wilde noemen.  

Fraai is het portret van de vader, een communist van de oude stempel, die altijd uitvoerig zijn haren föhnt, bij thuiskomst altijd zijn sigaretten en aansteker op de salontafel werpt en zich slechts eens per jaar van zijn goede kant zien. Dit gedrag leidt tot verwijdering tussen de ouders maar de vader heeft niet de kracht om zijn eigen weg te gaan. Metin vertelt wat hem ergert als de man weer terug is: ‘Mijn vader was net terug en ik had me al vreselijk aan hem geërgerd; zijn scherpe ondervraging, het luid klokken tijdens het drinken, het niet omspoelen van zijn glas en het onnodig laten lopen van de kraan.’ Fraai ook is de poging van het gezin om een boetiek te beginnen. Nog fraaier is deelname van het gezin aan de viering van 30 april waarop men in het centrum van de stad kebab verkoopt. Na de middelbare schoolperiode van de kinderen kiest de vader eieren voor zijn geld en gaat aan de slag als maatschappelijk werker, maar met zijn karakterstructuur houdt hij dat niet lang vol, waarna hij terugvalt in zijn oude gedrag dat echter niet meer bij de nieuwe ontwikkelingen in het gezin past.  

Aan het eind van het derde deel kijkt Metin met weemoed terug naar de begintijd in de Bijlmer, die op dat moment onherkenbaar van een verloederde in een schone wijk veranderd is. Zelf had hij heel wat ellende ervaren die ook wel uit zijn blik spreekt. De jongen, die het vermeed om zich als Turk te presenteren om niet gepest te worden, werd door zijn kwelgeest Dino en diens volgelingen, op de vwo afdeling van de middelbare school waar hij door grote druk van zijn vader in terecht kwam, uitgemaakt voor schoonmaker. Hij kon niet begrijpen dat zelfs meisjes die ook niet zo geliefd waren, hem lieten stikken. De wil van Metin om zelf iemand te worden is groot, vooral na alle doorstane ontberingen, die op grootse en zeer invoelbare wijze door Isik verwoord worden. Misschien is die wil ook wel het meest aan het gezicht af te lezen. 



Geen opmerkingen:

Een reactie posten